tentoonstelling

enrico david - chicken man gong
4 mei - 10 jun 2007

Docking Station toont Chicken Man Gong (2005) van de in Londen werkende Enrico David (1966, Ancona, Italië).

Het tweedelige werk, bestaande uit een gong en een vitrine, verstoort met een galm de gangbare opvattingen over mannelijke identiteit, publieke kunst en museale functies.

In Chicken Man Gong heeft David een complex web gecreëerd van vertellingen en verwijzingen naar diverse culturele bronnen. De ruim twee meter hoge metalen sculptuur heeft de vorm van een traditionele gong, een Aziatisch muziekinstrument dat vooral wordt gebruikt bij religieuze ceremonies en festivals. De gong staat op een in visnetpanty’s gestoken been, ontleend aan de Fransman Pierre Molinier, bekend van zijn fotografische zelfportretten in travestie. Verder heeft het beeld een stijlvol gekapt jongenshoofd en een veelkleurige staart. Kortom: Chicken Man Gong is een elegante hybride figuur, een ‘kippen-jongen’, die zich (zoals het scheldwoord ‘chicken’ al suggereert) niet mannelijk genoeg gedraagt.
 
Voor Enrico David heeft het werk niet alleen te maken met de regels die samenhangen met seksuele identiteit, maar evenzeer met museale conventies. Het tweede deel van de installatie bestaat namelijk uit een vitrine die een schaalmodel bevat van de Chicken Man Gong, een opengeslagen boek van James Lee Byars, enkele door David ontworpen dolken en foto’s van bezoekers van de New Yorkse club Studio 54 en van immigranten en ontheemden in het negentiende eeuwse Duitsland. De museumvitrine wekt de suggestie extra uitleg te geven over het beeld, maar in dit geval is de relatie tussen de sculptuur en de inhoud van de vitrine allerminst eenduidig. De installatie imiteert dan wel de vorm van een museale educatieve presentatie, het vervult niet de verwachtingen die een dergelijke documentaire opstelling met zich meebrengt. 

Davids Chicken Man Gong speelt in het museum een theatrale en rituele rol, die aansluit bij de oorspronkelijke functie van het slaginstrument. Vanaf het moment dat de gong in de achttiende-eeuw in orkesten in West-Europa werd geïntroduceerd, werd het vooral gebruikt om sterke emoties te accentueren. Maar het heeft ook een meer alledaagse rituele functie, bijvoorbeeld om het begin of einde van een bepaalde handeling of een wedstrijd te markeren.

Tijdens de tentoonstelling in het Stedelijk Museum zal de gong van David regelmatig klinken. De kunstenaar zal een museummedewerker bellen met de opdracht de gong te luiden. Op deze manier voegt het werk zich in de dagelijkse museale praktijk, maar verstoort deze codes evenzeer.

Enrico David studeerde aan de Saint Martins College of Art and Design in Londen. Gelijktijdig aan de tentoonstelling in het Stedelijk Museum toont hij werk in de Londense Cabinet Gallery en heeft komend najaar zijn eerste grote solotentoonstelling in het ICA, eveneens in Londen. In zijn oeuvre beperkt David zich niet tot één medium; zijn werk bestaat uit tekeningen, gouaches, schilderijen en sculpturen, waarbij hij dikwijls gebruik maakt van materialen en motieven die associaties oproepen aan het traditionele ambacht als aan het modernistische design van de jaren twintig en dertig (o.a. art deco) en andere kunsthistorische bronnen.

De tentoonstelling Chicken Man Gong werd samengesteld door Leontine Coelewij.

In het Stedelijk Museum Bulletin (nr. 2007/02) is een artikel van Dominic van den Boogerd over Enrico David gepubliceerd (beschikbaar in de museumwinkel voor € 5).